Europa's kunst rond het jaar 1000

Donderdagavond 5 - 12 - 26 maart
Aanvang: 20.00 uur
Plaats: de pastorie van de Martelaren, Linnaeushof 94

Mozarabische kunst.

In het noorden van Spanje schiepen christenen die geleefd hadden onder een Islamitische overheersing in de eerste helft van de tiende eeuw (920) een kunst die "Mozarabisch" wordt genoemd. Temidden van een nog ongerepte natuur bouwden deze immigranten uit Zuid Spanje met als hoofdstad Cordoba hun miniheiligdommen op rotshellingen en in stille valleien. De verfijnde elegantie van de toenmalige Arabische bouwkunst transporteerden zij naar de ruwe gebieden van een christelijk niemandsland in het noorden. Hun artistieke creativiteit maakt van de tiende eeuw de eerste grote eeuw van een middeleeuwse Europese kunst.
Wij maken o.a. kennis met:
San Millán de Cogolla, Peñalba de Santiago, San Miguel de Escalada, de grote moskee van Cordoba, de fresco's van St Quirze de Pedret en de beroemde miniaturen uit het commentaar van Beatus van Liébana op de Apocalyps.

Ottoonse kunst.

Rond het jaar 1000 heersten drie Saksische keizers die de naam Otto droegen over grote delen van Europa. Na een lange periode van verval wilden zij in onze streken van mist en kou het gouden tijdperk van het klassieke Rome herstellen. Deze Ottoonse keizers zagen zichzelf als erfgenamen van keizer Augustus en als vertegenwoordigers van God op aarde. Er brak een culturele en politieke bloeiperiode aan die tot uitdrukking kwam in bouwkunst, goudsmeedkunst, beeldhouwkunst en boekverluchting.
Wij maken o.a. kennis met:
--- Hildesheim. De bronzen deuren van de Dom beelden op de drempel van het tweede millennium de tragische geschiedenis van de mensheid uit in 16 panelen. De expressiviteit van de plastisch uitgebeelde figuren in brons was een revolutie in de geschiedenis van de Germaanse beeldhouwkunst.
--- Reichenau. De miniaturen uit het scriptorium van Reichenau waren omstreeks 1000 beroemd in heel Europa. De interactie van de juweelkleurige figuren tegen een lege "trillende " achtergrond maken deze tere prentjes tot uitingen van grootse kunst.
--- Bouwkunst, ivoren, decoraties van altaren en boekbanden, cultusbeelden en keizerskronen.
Omdat vakkundigheid hand in hand ging met bezieling en kennis van de traditie schiepen de Ottoonse kunstenaars in hun materiaal een overtuigend beeld van een Europese politieke, culturele en religieuze identiteit rond het jaar 1000.